Gearchiveerd onder: De Groene Amsterdammer, DVD, Fictie, Film | Tags: Alexandre Dumas, De Drie Musketiers, Maurice Leloir, Michael York, Oliver Reed, Richard Lester, The Three Musketeers 3D
Weinig verhalen staan zo duidelijk in mijn geheugen gegrift als Alexandre Dumas’ De drie musketiers. Ik weet nog precies hoe het boek eruitzag dat ik als kind las: geel, hardcover met illustraties die misschien als ik geluk zou hebben gehad van de beroemde Maurice Leloir waren. En ik had een Classics Illustrated-stripverhaal van de roman dat in dezelfde doos zat als strips van De graaf van Monte-Cristo, Robinson Crusoe, Ivanhoe, Robin Hood, 20.000 mijlen onder zee en Dr. Jekyll & Mr. Hyde. Allemaal literaire verhalen die constant buiten hun oorspronkelijke grenzen treden, waardoor ze een eigen leven in populaire vormen en media leiden. Vermaak, dus. Maar wel van het soort dat essentieel voor de mens is. (meer…)
Op een avond zonder volle maan zet ik The Wolfman van Joe Johnston op. Alle lichten uit. Gordijnen dicht. Hi-defscherm aan. In het donker zie je het pas goed; door de hoge-definitievideo zijn de kleuren bijna even scherp en diep als in de bioscoop. En het zien van ieder haartje op het gezicht van het hoofdpersonage geeft het beeld een dwingende kwaliteit, ook al moet je even wachten op een close-up. Eveneens scherp gedefinieerd is het geluid van ledematen die eraf worden gerukt en bloedspetters die door de lucht vliegen. Het grommen, nee de schreeuw van het monster daarentegen komt laag over de grond aangerold en treft uiteindelijk ergens in je buik. Klassieke body horror – ook voor de kijker kan het een fysieke ervaring zijn.
De website askmen.com heeft bekend gemaakt dat Don Draper (John Hamm), het overspelige, seksistische, identiteit-stelende en eigenlijk volstrekt harteloze hoofdpersonage, of meer een pathetische figuur, in de serie Mad Men, uitgeroepen is tot ‘meest invloedrijke man ter wereld’. Meer dan een half miljoen lezers verkozen hem boven grootheden als Barack Obama en Usain Bolt. Bij dit nieuws, een paar dagen nadat ik eindelijk het eerste seizoen heb kunnen bekijken, weerklinkt meteen in mijn hoofd iets wat de baas van het reclamebedrijf Sterling Cooper aan Don zegt: ‘I’m going to introduce you to miss Ayn Rand. I think she’ll salivate.‘
Inglourious Basterds is met afstand de beste film van Quentin Tarantino. Maar het is ook een film met een gebruiksaanwijzing, een gelaagd werk waarin de dikwijls controversiele regisseur van Reservoir Dogs (1992) en Pulp Fiction (1994) veel van de kijker verwacht. Oké, misschien te veel. Want wie Tarantino kan bijbenen in het in activeren van een breed, mentaal netwerk van literaire, muzikale en cinematografische verwijzingen – dat kan bijna niemand – ziet toch vrijwel een totaal andere film dan wie denkt alleen maar naar een film over de Tweede Wereldoorlog zit te kijken. Deze complexiteit kenmerkt alle films van Tarantino, zeker het Kill Bill-tweeluik, waarin de verwijzingen naar de populaire Aziatische cinema, DC Comics en de cinema van haast vergeten regisseurs als Brian de Palma op een chaotische, superromantische manier over elkaar heen duikelen. Film over film. Fictie over fictie. Maar Tarantino is meer, veel meer. En dat bewijst hij voor eens en altijd met Inglourious Basterds.
Tussen de talloze documentaires over de veertigjarige herdenking van de maanlanding die ik in de afgelopen weken op de BBC heb gezien, was er opeens die ene, merkwaardige film: For All Mankind. Uit 1989. Van Al Reinert. Ik wist van het bestaan van dit werk. Maar nooit gezien. Immers, in de afgelopen jaren was de maanlanding eigenlijk op de achtergrond geraakt, zeker begin jaren negentig toen het Amerikaanse ruimteveerprogramma en de robotmissies naar Mars steeds sterker tot de verbeelding spraken. De maan? So sixties. Misvatting. De Apollomissies waren, en zijn, superfuturistische sciencefiction van het soort dat slechts Arthur C. Clarke kan schrijven en Stanley Kubrick kan verfilmen. En juist dat laat For All Mankind zien: wat zich er veertig jaar geleden op Cape Canaveral, Florida, en Tranquility, de Maan, afspeelde, was zo uniek, dat het simpelweg niet echt kon zijn, maar dat wel degelijk was.
Een dag na de dood van Michael Jackson was de meest bekeken documentaire op de Amerikaanse publieke televisie die over een ándere, recent gestorven ster: Farrah Fawcett (1946 – 2009). Dat meldt de website imdb.com.
‘Wanneer de beautiful boy het domein van beschouwelijkheid verruilt voor het domein van actie, barsten chaos en misdaad los,’ schrijft Camille Paglia. Op fascinerende wijze becommentarieert Paglia het leven van personages als Wildes Dorian Gray en Manns Tadzio, in Death in Venice, maar algauw dwalen je gedachten af naar een ander leven, dat van de ultieme homme fatal: de jonge Alain Delon in een handvol films, maar bovenal in Plein Soleil (1960) van René Clément, in de rol van Tom Ripley, de sociopaat in de romans van Patricia Highsmith.
Het opvallendste aan Wit Licht, de film van regisseur Jean van de Velde en acteur en zanger Marco Borsato, is niet, zoals velen inmiddels hebben geschreven, het slechte acteerwerk, de populistische benadering of de op sommige plaatsen tenenkrommende teksten. Evenmin staat het werk op de eerste plaats uit doordat de director’s cut in Cannes met een staande ovatie werd ontvangen. Nee, Wit Licht springt vooral in het oog door een gebrek aan artistieke ambitie. (meer…)